Basisprincipes

De natuurgeneeskunde hanteert een aantal basisprincipes, zoals:

  1. De natuur geneest

    [Vis medicatris nature, Hippocrates]. Elk levend wezen heeft een door de natuur gegeven levenskracht. Deze levenskracht zorgt voor een zekere overlevingsdrang. De natuurgeneeskunde tracht deze te stimuleren.
  2. Allereerst niet schaden

    [Primum non nocure, Hippocrates]. De natuurgeneeskunde maakt gebruik van middelen die niet schadelijk mogen zijn en niet verslavend mogen werken.
  3. Ontgiften

    Bij veel ziekten is er sprake van ophoping van afvalstoffen in het lichaam. Acute ziekten (zoals bijvoorbeeld verkoudheid) zijn uitingen van het lichaam om de afvalstoffen naar buiten te brengen. Chronische ziekten ontstaan wanneer het lichaam niet in staat is om via de acute ziekten voldoende afvalstoffen naar buiten te brengen.
  4. Geen symptoombestrijding

    Ziekten of symptomen zijn zinvolle uitingen van het lichaam om te genezen. Deze symptomen dienen niet onderdrukt te worden, maar gestimuleerd te worden om zo snel mogelijk dit proces te doorlopen.
  5. Een holistische benadering

    Zelden is alleen een orgaan ziek, maar is het hele organisme uit balans. Bijvoorbeeld bij iemand die gebukt gaat onder rugpijn, depressiviteit, keelontsteking of hoofdpijn, kan dit allemaal het gevolg zijn van het slecht functioneren van de nieren.
  6. Ieder mens is uniek

    De behandeling wordt afgestemd op de mens en niet op de klacht (het zieke orgaan). Standaard behandelingen bij een bepaalde klacht bestaan dus niet, iedere behandeling is uniek.